zaterdag 29 december 2012

Gratis seks! Gratis drugs!


We reizen even terug naar Holland, waar het hartje winter is. Na twintig jaar onthouding wilde ik me er weer eens aan wagen. Een rondje op de schaats. Op weg naar de wintermenigte werd ik overvallen door een flashback. Ik zag mezelf als achtjarig jongetje de eerste paniekerige stapjes op het ijs zetten. Krabbelend langs de rand van de ijsbaan, m’n Friese doorlopertjes scheefgelopen naast mijn schoenen. Om me heen zoefden langbenige schaatsers in professioneel ogende schaatskleding voorbij. Licht door de knieën gebogen, de handen op de rug, met achte­loze pootje-overs schuinhangend in de bochten. Alsof het dood­simpel was. Ik wist een bankje te bereiken en probeerde met verkleumde vingers de bevroren touwtjes van m’n schaatsjes te ontknopen. Ik wilde ook zo achteloos voorbijsuizen. En een onverwoestbare indruk achterlaten. Maar graag zonder ten overstaan van iedereen onderuit te gaan. Dus zocht ik een achterafliggend slootje en bekwaamde mij in stilte. Toen ik uren later een metertje of wat kon krabbelen zonder uitglijden, keerde ik terug naar de ijsbaan: ik kwam, zag en ging op m’n bek. Maar ik gaf niet op en de dag vergleed met vallen en opstaan.
  
Waarom is dat? Waarom wil een mens alles kunnen en overal de beste in zijn? De lekkerste wijn maken, het hardste lopen, de hoogste berg beklimmen? Kapotte knieën, bloedende vingers, je eigen arm afsnijden omdat je beklemd zit in een rotsspleet, het dondert allemaal niet. Slechts één doel telt: SUCCES.
Ik zocht het op en wat blijkt? Die honger naar succes wordt gevoed door een geniepig constructiefoefje in onszelf: de succesdrug-generator. Als je succes hebt, maakt je lichaam een geluksdrug aan: endorfine, een verrukkelijke drug en verrassend eenvoudig in het gebruik. Heroïne bijvoorbeeld, is niet handig. Arm afbinden, schone naald zoeken, op de juiste plek prikken, allemaal gedoe. Endorfine is een stuk praktischer: zorg dat je succes hebt en je lichaam produceert het vanzelf.
Maar kijk uit, het is loeisterk spul. Een beetje smaakt goed, maar daarna wil je meer. En meer. Totdat succes een dagelijkse routine is. En dan is het te laat. Je bent verslaafd. Whitney Houston (en een onafzienbaar leger anderen) ging eraan ten gronde. Toen haar succesbron droogviel, produceerde haar lichaam de natuurlijke drug niet meer en kon zij niet anders dan overstappen op synthetische substituten.
Maar zo lekker als voorheen werd het nooit meer, want onze huisgemaakte succesdrug is sterker dan crystal meth, coke en horse bij elkaar. Goed spul, van de betrouwbaarste dealer: wijzelf. Daar kunnen we niks aan doen, we zijn opzettelijk zo geconstrueerd. We zijn wandelende druglabs. Een probaat ontwerp, want het heeft ons gebracht waar we nu zijn. Nog steeds krijgen de winnaars, de zilverruggen, het meeste voedsel en de mooiste wijfjes. Dat is al tweeënhalfmiljoen jaar zo en het bewijst: succes houdt de soort in stand.
Maar spring nu niet op om de Kilimanjaro te gaan beklimmen. Dat hoeft niet. Ook een glas goede wijn blijkt een forse endorfinestoot los te maken. Dat is een stuk comfortabeler en dan kun je daarna op je gemak de soort in stand gaan houden.